Home

Gemeentebesturen vinden regelmatig dat corporaties moeten doen wat de gemeente wil. De legitimatie daarvoor ontlenen ze aan hun verkiezing door de burgers. Huurdersorganisaties vinden dat de wil van de huurders gevolgd moet worden. Zij betalen immers de huur. En ook op het Binnenhof worden regelmatig eisen gesteld. De overheid borgt immers de financiering van corporaties.

Maar de werkelijkheid is anders. Niemand is de baas van de corporaties. Corporaties zijn namelijk van zichzelf. En dus ook de baas over zichzelf. Ze zijn opgericht om een bepaald maatschappelijk doel te realiseren, zonder winstoogmerk. Ze zijn geen marktpartij, geen overheid of behoren toe aan een bepaalde gemeenschap. Ze zijn zelfstandige maatschappelijke ondernemingen. De Key is dat al 152 jaar.

De samenleving, en later de overheid, was bereid om in corporaties te investeren in ruil voor een betaalbaar woningaanbod. Om te voorkomen dat het geïnvesteerde geld uit de corporatie kan weglekken, of dat de corporatie buiten de volkshuisvesting werkzaam is, zijn vervolgens kaders vastgesteld waarbinnen de corporatie zich dient te bewegen. Daarvoor is een institutioneel net om corporaties gespannen. Bij De Key ziet dat er schematisch als volgt uit:

In de achterliggende wet- en regelgeving zijn een aantal zaken vastgelegd. In de eerste plaats betreft dat het interne toezicht van de corporatie. De overheid en huurdersorganisaties hebben bijvoorbeeld invloed op de samenstelling van de Raad van Commissarissen. Niet onbelangrijk omdat deze Raad het bestuur benoemt (en ontslaat), de Raad de statutaire doelstellingen en continuïteit van de organisatie bewaakt en de Raad er op toeziet dat de corporatie wet- en regelgeving respecteert. En mocht de Raad van Commissarissen daarbij in gebreke blijven dan kunnen de Autoriteit Woningcorporatie en WSW ingrijpen.

Die externe invloed laat onverlet dat de bestuurlijke zeggenschap primair binnen de stichting ligt. Maar tegelijkertijd is wettelijk omschreven hoe die bestuurlijke zeggenschap zich verhoudt tot de volkshuisvestelijke wensen van huurders en gemeente. De huurdersorganisatie wordt in de gelegenheid gesteld – en beschikt daarvoor ook over wettelijke en financiele middelen – om het corporatiebeleid te beïnvloeden. Daarnaast wordt van de corporatie verwacht dat ze in redelijkheid bijdraagt aan de Woonvisie van de gemeente.

In de wet is omschreven hoe corporatie, gemeente en huurders uiteindelijk tot duurzame samenwerking kunnen komen. Corporaties moeten een ‘bod’ uitbrengen op de Woonvisie van de gemeente. Op basis van dat bod gaan corporatie, huurdersorganisatie en gemeente om tafel zitten om tot prestatieafspraken te komen.

.

Waarom deze blog?

Waar komt deze blog met al haar plaatjes nu vandaan? In overleg met onze huurderskoepel Arcade stelt De Key een werkwijzer op. Daarin wordt omschreven rondom welke zaken we – in aansluiting op wet- en regelgeving – met elkaar samenwerken. Daarover pratend ontstond (in ieder geval bij mij) de behoefte aan een ‘hoog-over’ beeld. Dat leverde bovenstaande praat-plaatjes op. Die blijven ongetwijfeld steeds in beweging.

Ze zijn dus vooral bedoeld om het gesprek over de werkwijzer te ondersteunen. Maar tegelijkertijd leek het me leuk om de plaatjes breder te delen.

Toelichting op plaatjes:

– AFWC = Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties

– FAH = Federatie Amsterdamse Huurderskoepels