Home

Vanuit 18 wijkkantoren van De Key werken tientallen beheerders. Wat ze doen, is voor mij vaak heldenwerk. Het zijn mensen met vele kwaliteiten. In mijn introductieprogramma heb ik veel van hen gesproken en hebben ze me rondgeleid in hun complexen. Ze onderhouden bewonerscontacten, sluiten huurcontracten, nemen klachten aan of gaan het gesprek aan met overlast veroorzakende mensen. Een groot deel van hun tijd controleren ze portieken en gangen op rommel, zwervers en hangjongeren, maken ze een praatje met een bewoner of helpen ze mee aan het opzetten van bewonersactiviteiten. Onze beheerders vormen zo een stukje van het cement in de wijken.

beheerders

beheerders in de wijken

Maar tussen alle verhalen door, hoorde ik van diverse beheerders een verontrustende boodschap. Velen konden complexen aanwijzen die snel aan het afglijden waren. Het verhaal er achter konden de beheerders simpel uitleggen. Er is op dit moment weinig doorstroming. De meeste woningen die nog vrij komen, bevinden zich in de minder gewilde complexen. En die vrijkomende woningen gaan vervolgens vooral naar mensen met een urgentieverklaring. Op deze manier lopen die complexen in sneltreinvaart (te) vol met kwetsbare mensen. Natuurlijk vroeg ik naar de oplossing van het probleem. Maar overal was het antwoord het zelfde: het systeem van de woonruimteverdeling laat geen andere oplossing toe. Het ‘systeem’ zorgt er voor dat we het afglijden van deze complexen niet kunnen tegenhouden.

Voor mij ontvouwt zich een mogelijk horror-scenario. We krijgen steeds meer complexen waar de verloedering onomkeerbaar wordt. Dat mag toch niet gebeuren? Een bewoner zei ooit eens tegen mij ‘fuck the system’. Dat lijkt me nu wat overdreven. Maar ik hoop niet dat enige burgerlijke ongehoorzaamheid straks onmisbaar is om de verloedering van een aantal complexen te voorkomen.